Beton en Staalconstructies
Beschrijving
De algemene gedeeltes van de Eurocode ( Eurocode 0 en Eurocode 1 ) vormen de grondslag van de toetsingsmethodieken van zowel staal- als betonconstructies. In de eerste colleges van het vak worden de beginselen van constructief veilig ontwerpen conform de veiligheidsfilosofie van de Eurocode behandeld en wordt ingegaan op belastingen, belastingscombinaties, en de verschillende veiligheidsfactoren.
Naast dit algemene gedeelte bestaat het vak uit twee hoofd-onderdelen: het toetsen van de sterkte en stabiliteit van stalen liggers en kolommen met profieldoorsnede enerzijds en het ontwerpen, dimensioneren en detailleren van gewapend betonnen liggers en kolommen anderzijds. De colleges voor de beide materialen beton en staal worden door afzonderlijke vakdocenten gegeven.
Bij het onderdeel staal wordt de leerstof opgebouwd vanuit de toetsingen op element niveau en toetsen van doorsneden. Nadat deze zijn behandeld, wordt de opgedane kennis toegepast op een constructievorm die vaak in staal wordt uitgevoerd: het vakwerk.
Bij het onderdeel beton wordt de leerstof opgebouwd vanuit construeren op element niveau en toetsen van doorsneden. Nadat deze onderdelen zijn behandeld wordt er specifiek ingegaan op aspecten die een rol spelen bij betonconstructies vanwege de combinatie van beton met wapeningsstaal. Het gaat hierbij om detailleren, wapeningstechnologie, scheurvorming, vervorming en stabiliteit.
Toepassing van de stof is voorzien door zelfstudie (met oefenopgaven) en het werken aan de digitale opdracht in ANS.
De volgende vakinhoud wordt per onderdeel behandeld:
Algemeen
Bouwvoorschriften, Veiligheidsfilosofie
Belastingen, belastingscombinaties, veiligheidfactoren
Basisprincipes van het construeren met staal en gewapend beton
Staal
Materiaaleigenschappen van staal
Sterkte van elementen, doorsnedeclassificatie
Doorsnedecapaciteiten volgens de elasticiteitstheorie
Toetsing van de doorsnede voor combinaties van normaalkracht, moment, dwarskracht en wringing
Introductie toetsing op basis van de volplastische doorsnedecapaciteiten
Stabiliteit van elementen, toetsing van de stabiliteit van elementen belast op centrische druk of buiging zonder normaalkracht
Vakwerken, schematisering, toetsing van de sterkte en stabiliteit van ( de onderdelen van) stalen vakwerken
Verbindingen met lassen, verschijningsvormen, toetsing van de sterkte van een gelaste verbinding
Verbindingen met bouten, verschijningsvormen, toetsing van de sterkte
Beton
Construeren in beton
Spannings-rek relaties voor beton en staal
Constructiedelen, belast op centrische druk
Constructiedelen, belast op zuivere buiging
Constructiedelen, belast op buiging en normaalkracht
Dimensioneren op afschuiving
Detailleren
Wapeningstechnologie
Scheurwijdte beperking
Toetsing
Reguliere toetsing
Het vak wordt tussentijds getoetst in de vorm van twee (digitale) deeltoetsen, DT-1 en DT-2. Het resultaat van de deeltoetsen kan zijn: geldig of ongeldig. Een resultaat van een deeltoets is geldig als het cijfer minimaal een 5.0 is. Het gemiddelde van de deeltoetsen moet gelijk aan of hoger dan 5.75 zijn om te slagen.
Oefeningen
De leerstof wordt geoefend door middel van een serie oefeningen in een digitale omgeving (ANS) en met geimplementeerde feedback. Deelname aan deze formatieve oefeningen is geen strikte verplichting maar biedt wel de garantie om de lesstof te volgen en is de beste voorbereiding voor het tentamen.
Herkansingsmogelijkheid
Als DT-1 of DT-2 geen geldig resultaat is of het totaalresultaat van DT-1 en DT-2 (het eindcijfer) een onvoldoende (<5.75) is, kan gebruik worden gemaakt van de herkansingsmogelijkheid direct aansluitend aan het blok. Het integrale hertentamen is eveneens een computer toets. Ook hier geldt dat minimaal een 5.75 moet worden behaald om te slagen.
Algemeen t.a.v. de toetsing
DT-1 en DT-2 wegen gelijk mee bij de bepaling van het eindcijfer.
De resultaten van de afzonderlijke deeltoetsen zijn uitsluitend geldig in het studiejaar waarin deze behaald worden.
Alle tentamens worden digitaal afgenomen in ANS, waarbij alleen punten worden toegekend op basis van ingevoerde waarden.
Het tentamencijfer is gelijk aan het resultaat van beide deeltoetsen (= 0.5xDT-1 + 0.5xDT-2, waarbij DT-1 en DT-2 beide geldige resultaten zijn van de deeltoetsen), óf het resultaat van de herkansing.
Voor meer informatie over cijferregeling, zie artikel 14 in the Rules and Guidelines (RGBE):
https://www.tudelft.nl/en/student/ceg-student-portal/education/education-information/educational-rules-and-regulations
Toegestane hulpmiddelen bij de toetsen:
Rekenmachine (zie examenreglement voor de toegestane modellen)
Tijdens de deeltoetsen en het hertentamen wordt een (digitaal) formuleblad ter beschikking gesteld. Dit blad is identiek aan het formuleblad dat tijdens het vak via BrightSpace wordt aangeboden. Alle andere (formule)bladen en/of persoonlijke notities zijn tijdens het tentamen niet toegestaan.
Reviews0 reviews
Heb jij dit vak gevolgd?
Deel je ervaring met toekomstige studenten. Inloggen met je TU Delft mailadres duurt één minuut.
Schrijf een review