Inleiding Civiele en Milieu Techniek
Beschrijving
Inleiding Civiele & Milieu Techniek geeft een eerste kennismaking met de verschillende aspecten binnen de Civiele Techniek en de MilieuTechniek. Per vakgebied zullen de basisbegrippen worden uitgelegd en zal er naar oplossingen gezocht worden voor problemen binnen dit vakgebied. Hierbij zullen ook eenvoudige berekeningen worden gemaakt en academische vaardigheden worden getraind.
De vakgebieden die geïntroduceerd worden zijn:
Stedelijke waterinfrastructuur: nut en noodzaak van waterbeheer;drinkwatervoorziening en afvalwaterverwerking.
Waterbouw: civiel technische maatregelen die genomen moeten worden voorde bestrijding van hoog water, zoals dijken, dammen en stuwen.
Transport en planning: vervoersvraag, modaliteitskeuze, routekeuze en technische aspecten van het transportsysteem.
Gebouwen en constructief ontwerpen: functie, vorm en technische aspecten van gebouwen; belasting van constructies, sterkte, stabiliteit en stijfheid.
Water en klimaat: waterkringloop; de effecten van klimaatverandering op onvoorspelbare regenval patronen, droogte en overstromingen.
Grondmechanica en funderingen: grondspanning en krachten op constructies in de grond.
Toetsing
Dit vak wordt getoetst door middel van de projectanalyse en twee deeltentamens (on campus). De beide deeltentamens moeten binnen hetzelfde studiejaar gehaald worden. Aan het eind van de periode is een integrale herkansing (on campus), welke de gehele stof bevraagd.
Er wordt een bijdrage geleverd aan het portfolio 'Ethiek'. Verdere details worden bekend gemaakt in college en/of op Brightspace.
Het geleverde werk wordt beoordeeld aan de hand van:
Projectanalyse: 40%
Deeltentamen 1: 30%
Deeltentamen 2: 30%
Integraal hertentamen: 60%
Workshops en ethiekopdracht: moeten voldoende beoordeeld zijn.
Voor de deeltoetsen of het integrale hertentamen moet minimaal een 5,0 behaald worden. De projectanalyse moet minimaal met een 5,0 afgerond worden.
Indien de (on campus) workshops en de ethiek opdracht voldoende zijn afgerond zijn deze resultaten in volgende jaren ook geldig.
Mocht de projectanalyse onvoldoende beoordeeld worden dan is er een mogelijkheid om een herkansing te maken, het cijfer zal dan echter nooit hoger worden dan een 6.
Het gewogen gemiddelde van de deeltoetsen, of het integrale hertentamen, en de projectanalyse moet minimaal een 5,75 zijn.
Voor meer informatie over tentamens, zie artikel 14 in the Rules and Guidelines (RGBE): https://www.tudelft.nl/en/student/ceg-student-portal/education/education-information/educational-rules-and-regulations
Toegestane Hulpmiddelen tijdens Tentamen
Rekenmachine, (zie examenregeling voor toegestane modellen)
Reviews0 reviews
Heb jij dit vak gevolgd?
Deel je ervaring met toekomstige studenten. Inloggen met je TU Delft mailadres duurt één minuut.
Schrijf een review